Spelregels en geschiedenis

Algemeen

Padel speel je bijna altijd in dubbel-vorm. Bekijk onderstaande video voor de spelregels van Padel. 

Scoreverloop

Het scoreverloop bij Padel is hetzelfde als bij tennis, namelijk 15, 30, 40 en game, met deuce bij 40-40. Bij deuce moeten twee opeenvolgende punten worden gescoord om de game te winnen. Padelwedstrijden zijn meestal “best-of-three”, oftewel tot twee gewonnen sets, waarbij een set gewonnen wordt door het team dat als eerste zes games wint met twee games verschil. Bij 6-6 wordt een tiebreak gespeeld, die gaat tot zeven gewonnen punten met twee punten verschil. Een eventuele derde set wordt als supertiebreak ofwel wedstrijdtiebreak gespeeld (tot tien punten met twee punten verschil).

Opslag

De opslag moet onderhands, waarbij de bal maximaal op de hoogte van je middel (navel) geslagen mag worden. De eerste opslag wordt vanaf de rechterkant geslagen en wordt daarna afwisselend van links en rechts geslagen. Men laat de bal eenmaal stuiten achter de servicelijn (die het servicevak van 7x5m begrensd), tussen de middellijn en de zijwand. De opslag moet zonder het net te raken direct in het diagonaal gelegen servicevak van de tegenstander stuiten. De bal mag daarna de wand raken, maar niet het hekwerk (foutservice). De ontvanger kan kiezen om de bal terug te spelen voordat of nadat de bal de wand heeft geraakt. Zodra de bal correct in het servicevak heeft gestuit en correct is geretourneerd, komen beide speelhelften van 10x10m in het spel. Als de bal bij een eerste of tweede service het net toucheert en daarna in het correcte servicevak landt, wordt de opslag overgespeeld.

Spelverloop

Tijdens ralleys mag de bal slechts eenmaal het speelveld raken. Een speler mag kiezen om de bal te laten stuiten of hem te volleren. Als de bal stuit moet dat gebeuren zonder eerst een wand of het hekwerk te raken, anders is het een fout. Nadat de bal heeft gestuit mag hij de wand of het hekwerk een of meerdere keren raken voordat hij teruggespeeld wordt. De ontvanger mag de bal direct in het speelveld van de tegenstander terugslaan, of hij kan de bal via de achter- of zijwanden terugspelen. Als de bal het hekwerk raakt voordat hij over het net komt is het een fout. Als de bal via het speelveld over de wand (4 meter) of hekwerk (3 meter) wordt geslagen is het normaliter een punt; behalve als een speler buiten de kooi op het desbetreffende stukje uitloop de bal terugspeelt.

Het spel gaat door met deze regels, totdat de bal tweemaal op het speelveld stuit of een speler op een andere manier de regels overtreedt.

Geschiedenis

Padel is de komende jaren de snelst groeiende sport en heeft alles in zich om groter te worden. Dat toont ook het onderzoek van het Mulier Instituut.

In Spanje en andere Zuid Europese landen behoort de sport al jaren tot de grootste sporten van het land. De opmars naar Noord-Europa is nu in volle gang. En dat is niet gek, want padel is een sport voor alle leeftijden, laagdrempelig, snel aan te leren en heeft een sociaal aspect: een mooie aanvulling voor tennisverenigingen.

Padel groeit en zal dat de komende jaren blijven doen, zo zien we dat het aantal locaties/verenigingen blijft stijgen. De KNLTB verwacht dat binnen tien jaar zo’n 500 tennisverenigingen de keuze hebben gemaakt voor een of twee padelbanen en steeds meer spelers in aanraking komen met deze populaire sport.

Padel is een combinatie tussen squash en tennis waarbij gebruik gemaakt mag worden van de glazen constructie om de baan. De baan is kleiner dan een tennisbaan: 20 bij 10 meter om precies te zijn. Elke speelhelft, gescheiden door een net, is verdeeld in twee servicevakken en een achterveld. Het speelveld is te vergelijken met een tennisbaan, maar dan kleiner en met een omheining van glas en hekwerk. 

De spelregels van padel lijken veel op de spelregels van tennis. De bal moet over het net en in het vak van de tegenstanders worden geslagen. Opslaan doe je onderhands. De bal moet tijdens het serveren eerst stuiteren achter de servicelijn voordat je serveert. Een groot verschil is dat je de bal na de stuit tegen de wand of muur mag laten komen en hem dan pas terug hoeft te slaan. Dit mag ook weer via de muur en levert verrassende rally’s op. Het scoresysteem is wel identiek aan dat van tennis. 

Voor padel gebruik je een ander racket dan voor tennis. Het padelracket heeft geen snaren, maar is in zijn geheel van kunststof (carbon, fiber of grafiet). In het racketblad, meestal rond, is een groot aantal gaten geboord. Het racket wordt met een koordje om de pols bevestigd zodat het niet kan rondslingeren. 

Leuk feitje:

Zijn tennisballen en padelballen hetzelfde? Die vraag is eenvoudiger dan het antwoord. De officiële norm voor een tennis- en een padelbal is vastgesteld in de maat, het gewicht en in de druk. Het gewicht van beide ballen is precies hetzelfde namelijk tussen de 56 en 59,4 gram. De diameter van een tennisbal is tussen 65,4 en 68,6 mm en die van een padelbal tussen de 63,5 en 67,7 mm. De druk wordt vastgesteld door de bal vanaf 2,54 hoog te laten vallen. Een (goede) tennisbal stuit dan tussen de 138 en de 151 cm hoog. Een (goede) padelbal stuit tussen de 135 en de 145 cm hoog. De ranges van de druk en de diameter zorgen er dus voor dat de ballen hetzelfde zouden kunnen zijn, maar dat een padelbal gemiddeld wat lager stuit en gemiddeld iets kleiner is. Van een zware bal (dus ook een bal die nat is) gaat je padelracket eerder stuk. Voor de zekerheid: Speel je padel met padelbal en tennis met een tennisbal en als je met natte ballen speelt, ga dan niet keihard smashen.